donderdag 31 maart 2022

Nog even dichtbij

Je ziet zoveel vogels. Ze zitten achter elkaar aan. Ze laten achter zich aanzitten. Ze laten niet achter zich aanzitten. Ze maken schijnbewegingen. Ze maken schijnbaar schijnbewegingen. Er gebeurt wel iets. Ze zitten op elkaar, kijk daarboven! Dan maken ze zich los en gaan huns weegs. Wat was er nu gebeurd? Ik loop erheen en zeg dat ik het niet heb gezien. Hij zegt dat hij trapte, en hij zegt dat hij eerst sloeg. Er was iets maar wat.

Je kunt op allerlei manieren naar die vogels kijken. Kijk door je verrekijker, voel hoe dichtbij hij is. Het is je adem die je terugkrijgt al is het niet zeker dat hij van die vogel terugkomt. De vogel vliegt van je weg en daarom moet je erheen. Je ziet hem weer zitten en daarom komt hij steeds dichterbij. Op den duur is het je huisdier, hij gaat achter de anderen aan om hen jouw huis te bieden. Zijn jongen huizen bij jou.

De vluchtroutes brengen me ergens al is het niet weg. Er is geen weg, er is alleen nadering. Nu is het ook nog de vluchtweg die nadert. De vluchtweg en ik, dat is me een stel. Ik wilde die vluchtweg nooit bezitten, hij moest me juist in het opene brengen als al. Nu denk ik dat het opene juist bij mij komt en wel via de vluchtweg. Hij ligt binnen bereik, nog even. Hij ligt binnen bereik voor het nog even. Daar gaat weer wat en deze keer ben ik er bijna.

maandag 28 maart 2022

Morele bewapening

Op weg naar mijn werk wil zeggen dat werken mijn doel is. Werken is vooral ook een proces. En niet te vergeten een moraal. Werken is niet vanzelfsprekend, en daarom moeten we ertoe oproepen. Die oproep is ook werk. Uiteindelijk is alles werk. Dat ik nu even deze blog zit te tikken is ook werk, het is een oproep tot werk die zelf ook werk is al oogt het niet zo.

De vraag is waartoe werk zich verhoudt. Heeft het doel zelf ook een doel? Ik passeer juist Kesteren waar die mooie Romeinse helm is gevonden. Er staan namen in gegraveerd, ten teken dat de helm werd doorgegeven als de drager gesneuveld was. De jongens moesten ver reizen om hier in Kesteren hun doel te bereiken. Onderweg moesten ze hard werken. Kampen inrichten, aanvallen, afweren, aanvallen afweren, helmen maken.

In sombere buien denk ik dat de dood het doel van werken is. Ik werk me dood. Er is gezegd dat de dood ook werk is, de dood is in ons aan het werk. Zo voorkomen we dat de dood ons hindert bij ons werk, en bereiken we dat de hindernis ons aan het werk zet. Werk is wat we kunnen inbrengen tegen de verhevenen die genoeg hebben om het niet te verdienen, die genoeg verdiend hebben om het te hebben, zelfs als ze het niet verdienen. Door te werken zeggen we tegen hen: werk!

zaterdag 26 maart 2022

In de grond

Bij alles wat we opbergen hoort ook wijzelf. We bergen ons op voor de geborgenheid, we bergen ons op voor de borging. Wie er borg staat voor ons is al bekend sinds we voor autonomie stemden, dat zijn wijzelf. Je mag dat van mij best soeverein noemen. We leggen de borging graag neer buiten onszelf, zelfs als wij dat zelf zijn. Zo weten we dat we én die borging hebben veiliggesteld én die borging onder controle hebben.

Geleidelijk sijpelt door dat we in de wereld zijn, en die wereld trekt zich weinig van ons aan. Wij waren toch die borging voor de wereld, voor haar democratie en haar goederen? Daarmee hadden we toch onze borging buiten onszelf geregeld? Iedereen vrij, iedereen blij. Nu blijkt dat ook de anderen zich hadden opgeborgen. Ze hadden dat evengoed geregeld. Ze vertelden zich de verhalen die hen onafhankelijk maakten van onze voorzieningen.

De borging buiten ons staat niet meer onder onze controle. De autonomie is gewist, de soevereiniteit is gewist. We zullen ze van de grond af moeten laten ontstaan. De verhalen die we ons vertellen moeten weer even onze verhalen worden. De zaden moeten ook een beetje op eigen kracht uitgroeien tot bomen die ons berging geven. Dan nog is er iets huiveringwekkends dat er wel of niet in past. We zien nog de beelden, de beelden van het bergen van lichamen. Het zijn onze verhalen, maar minder inspirerend.

vrijdag 18 maart 2022

In zicht

Ik weet het ook niet meer. Eerst wist ik het wel, in elk geval genoeg om door te kunnen. Dat moest een keer ophouden. Ik kan me beter verplaatsen in iemand die zich door een heilige tekst heen puzzelt, omdat ik mezelf ook door heilige teksten heen puzzel. Dat wil nog niet zeggen dat ik diegene ken en daarom ook weet wat het allemaal is. Wat dat betreft heb ik maar weinig vorderingen gemaakt.

Het is best kwalijk als je zaken bekent, met name je tekorten, als je gewoon moet functioneren. Wie is daarmee gediend en wat? Je had toch ook even kunnen nadenken voordat je eraan begon, of even je stem verheffen als het eens niet zo uitwerkt als gewenst was? Dat is niet wat ik zie. Wat ik zie is een onwetendheid die je als heilig verkoopt. Het is uitverkoop, maar dat is allang niet meer iets speciaals. Het was al de hele tijd uitverkoop.

Het wordt nu onwaarschijnlijk dat mijn onwetendheid heilig is, dat moet ik nu wel bekennen ja. Je kunt ook zeggen dat je pas heilig bent als je simpel bent, en dan helpt het niet om je stuk te peinzen. Ik zou dus ook gewoon vrede kunnen hebben met dat ik het niet meer weet. Zoiets lijkt sterk op armoede, voorlopig gedefinieerd als de ervaring dat we het niet in onze handen hebben. We hebben het niet. Wat we hebben is ergens daar, waar we er niet goed bij kunnen.

donderdag 17 maart 2022

Alles stroomt kapot

De stromen gaan en ze komen. Als alles stroomt gaat het voorbij en komt er ook weer van alles. Laat ik eens meegaan is niet van toepassing, ik zit er al in. Ik spreek uit eigen ervaring, maar waarom zou het niet gelden voor jou en voor hen, die verren die de wapens opnemen, hun vrouw en kinderen voor eeuwig vaarwel hebben gezegd om Hector te volgen in zijn deelname aan die metrische stroom van 24 maal 800 verzen? Er wordt gefluisterd dat Hector dood wilde, hij wist immers van de woede en kracht van zijn tegenstrever.

Echter, ook zijn tegenstrever gaat met de stroom mee. Het is een en dezelfde stroom waarin ze onderduiken, een metrum dat steeds keert en doordat het steeds keert ook stroomt en je meeneemt. Offer, compensatie, weigering, bloed, eer, het fatum tegemoet, met onbeschrijflijke pijn die daardoor dus ook wordt opgenomen in de roes. In de roes wordt de woede opgetild en daaronder gaat de stroom verder, steeds verder.

Het geldt voor mij, het geldt voor de Oekraïense versies van Hector, het geldt voor de untergangsproleten en de jongelingen die ook geen keus hebben, in Novosibirsk of - nog zo kort geleden op weg naar hun gadget - ineens gedwongen glimlachend in de camera. Dankzij de stroom kunnen we medelijden hebben met beide partijen, dankzij diezelfde stroom drijven we weg van die wrede barbaren en willen we hen wel kapotschieten of kapotsanctioneren.


woensdag 16 maart 2022

Verloren

Ajax heeft verloren tegen een stug verdedigend Benfica. Verloren is niet alleen het resultaat van een fout (Onana, slechte voorzetten) maar zeker ook een gevoel. Het gevoel doet er in de dagelijkse praktijk weinig toe maar wel bij poëtische teksten en neem van mij aan dat ik ook een mens met gevoel ben. Gevoel is zelf een teken van triomf, vooral het gevoel dat je deelt. Het wekt weer een gevoel van ergernis op wanneer je ineens van buitenaf kijkt hoe het gevoel rondgaat.

Wij, dat wil zeggen mensen zoals ik en jij, zijn ook niet voor één gat te vangen. Gevoel drukken we uit met emoticons. De angel is er dan wel uit. Ook kan zijn dat we verwikkeld zijn in een gigantische irritatie-opwekoperatie, wat misschien een verdriedubbeling is die zeker in een poëtische toonzetting als hier irritatie kan opwekken. Het is ook allerminst uitgesloten dat deze blogs allemaal die kant opgaan, jouw irritatie.

Als al die irritatie opgewekt is loopt hij in het algemeen gewoon weer leeg. Je haalt je schouders op en raakt ermee vertrouwd. Je vraagt je af of het niet anders had gekund, was al die irritatie nodig om tot dit effen resultaat te komen? Geen idee, het is er en je hoeft er niets mee en je zult zien, als het weg is weet je het al gauw niet meer. Overweeg of er een verschil is tussen iets kwijtraken en iets verliezen. Overweeg of je iets al kwijt kunt zijn voordat het er is. Je raakt verloren en wrijft nog een paar keer.

dinsdag 15 maart 2022

Leven zonder tekenen

Je kunt het zo gek niet bedenken of er leven mensen. Daar in het veld zie ik niets behalve die vogelverschrikker. Dan ga ik ervan uit dat er inderdaad vogels zijn, maar ook moet iemand die vogelverschrikker hebben neergezet. En wel met redenen en ook vast met bedoelingen. Nu kan ik redenen en bedoelingen moeilijk uit elkaar houden. Je had een goede reden maar nu blijkt de bedoeling weer anders. Ik wilde de vogels van de zaden houden maar had de bedoeling op den duur te oogsten, of dus andersom.

Is leven zoiets als geloof: je ziet allerlei tekenen maar de rationaliteit wil maar niet sluiten, of sluit te makkelijk. Ik zie het nest maar de ooievaar is er even niet. Er moeten eieren liggen en dat is de oervorm van leven. Stuiptrekken is ook leven en wel intens. We wandelen en kijken terug naar ons leven waarin de kleine dingen juist groot worden. Het verhaal dat ons het leven brengt schuift voor het leven.

Zeg niet dat ik alles mooi aan het verwerken ben. Het product is evengoed afscheid als kind. Ik kijk nog een keer goed en zie het nu pas. Dan moet het er altijd al geweest zijn, maar niet voor mij toen ik nog leefde. Wie of wat zit daarachter? En waarom zou ik mezelf willen ontmaskeren? Ik heb toch genoeg aan mezelf als aanklager en verdachte. Samen zijn we in staat om de rechter gerust te stellen. Stel je een veld voor zonder vogelverschrikker. De zaden worden geconsumeerd, weg teken van leven.


Licht verzet

Ik houd niet van bevelen. Zo te zien houd ik meer van een bekentenis. De vraag is of ik een goede titel had gekozen met bladder dit. Nu sta ...